Dichromasie
Dichromasie is een afwijking in het kleurenzien waarbij men slechts twee grondkleuren (zwart en wit) kan waarnemen.
Dichromasie is meestal aangeboren, maar kan ook later in het leven ontstaan zijn. De normale mens kan elke willekeurige kleur waarnemen door het samenvoegen van de drie grondkleuren rood (R), groen (G) en blauw (B) in de gepaste verhouding (normale trichromasie).
Men onderscheidt een groot aantal kleurzinstoornissen. Bij anomale trichomasie is er een vermindering in gevoeligheid voor een van de drie grondkleuren. Men onderscheidt: verminderde gevoeligheid voor rood (protanomalie: r,G,B), voor groen (deuteranomalie: R,g,B) en voor blauw (tritanomalie: R,G,b).
Bij dichromasie is men ongevoelig voor een van de drie grond-kleuren. Men onderscheidt: afwezigheid van gevoeligheid voor rood (protanopie: -,G,B) voor groen (deuteranopie: R,-,B) en voor blauw(tritanopie: R,G,-)
Protanopie en deuteranopie zijn de meest voorkomende kleurzienstoornissen. In beide gevallen kunnen mensen met deze aandoening niet of met moeite het verschil tussen rood en groen waarnemen.
De aandoening komt meer bij mannen voor (circa 8%) dan bij vrouwen (circa 0,4%) en berust op een erfelijke stoornis voor rood-groenkleurenblindheid die gebonden is aan het X-chromosoom.
Bij monochromasie is men gevoelig voor slechts één soort kleur. Hierbij worden onderscheiden: rode-kegel-monochromaten (R,-,-), groene-kegel-monochromaten (-,G,-), blauwe-kegel-monochromaten (-,-,B).
Bij achromasie is men ongevoelig voor welke soort kleur dan ook.
Bron: kiesbeter.nl
Meer informatie:
kiesbeter.nl
